kitbashing;
gooi wat bouwdozen door elkaar
schud uitvoerig
bewonder het resultaat.
Natuurlijk moet je wel met gezond verstand schudden. Het resultaat: een model, dat velen vagelijk bekend zal voorkomen, maar dat toch helemaal van jezelf is. Ik geef een voorbeeld; van Waldbrunn naar Plankendam.
Ik stel U voor: Faller station Waldbrunn. (Pola had hem vroeger in het assortiment)
Ik heb drie van deze dozen door elkaar gegooid en eindigde met dit:
het grote station Plankendam, het lokaaltje uit Jottum komt net binnen om aansluiting te geven op de sneltrein naar Schraagvorden.
Moeilijk? Neuh...gewoon beginnen. Gooi wat bouwdozen door elkaar:
Zoals ik al meldde: 3 keer waldbrunn, van Faller. Een populair stationnetje, het doet wel wat nederlands aan met die bakstenen. Natuurlijk ben ik niet zomaar begonnen: ik had een PLAN. Uit catalogusfoto's bleek, dat er van meerdere Waldbrunnen iets groots gemaakt kon worden. Een kwestie van ramen en deuren tellen. Ik deelde, volgens PLAN de onderdelen in een noord-, oost-, west- en zuidgevel. De verschillende vleugels gaf ik, naar windstreek, een markering:
Van de zijwanden (O en W) kon ik nog stukjes gebruiken voor het (hoge) middengebouw. De perronzijde (NW, N, NO) kwam aan een verhoogd perron. De benedenverdieping van deze kant zou dus onzichtbaar zijn: afsnijden en zuinig bewaren voor het middendeel van de zuidzijde! De gaten aan de perronkant vullen met balsahout. dat ziet straks niemand, daar zit immers dat perron voor.
Nu bleek dat ik goed geteld had, kon ik beginnen met het echte werk: snijden, vijlen, lijmen.
Oftewel: UITVOERIG SCHUDDEN.
Omdat ik langs de randjes sneed, had ik geen liniaal nodig. Bijkomend voordeel: je ziet op deze manier straks nauwelijks de lijmnaad. wel even goed haaks schuren of vijlen. Standaardgereedschap voor mij: een setje sleutelvijltjes. Volgens PLAN valt hier een gevel uit elkaar. De smallere strookjes werden natuurlijk wel degelijk langs de stalen liniaal afgesneden!
Nu eens kijken hoe het oogt als ik de hele gevel bijeen hark:
De Zuidgevel. Er moet nog iets gebeuren in het middengebouw. Eén enkele toegangsdeur is natuurlijk veel te weinig voor zo'n groot station.
Ik maak een deuropening. Ook aan de perronkant moet dit natuurlijk gebeuren.
Zoek de verschillen: links 3 deuren voor het middengebouw (straatkant), rechts een dichte eindgevel (Oost of West). Verder ogen de ramen links een stuk "nederlandser". We ontdoen de kit langzaam maar zeker van zijn Pruisische achtergrond.....
Ik laat alleen de grote kruisen in de kozijnen over. Misschien komen de uitgesneden stukjes ooit nog eens van pas als muuranker?
Tijd om het zaakje in elkaar te prutsen. Natuurlijk zonder handleiding, want we beschikken over een gezonde dosis boerenverstand. Dus eerst de raampjes in de geveldelen, dan de geveldelen aan elkaar. Verstevigen met restjes plastic uit de rommeldoos, hier en daar wat balsahout onder aan de perronzijde, et voilà:
Het wordt tijd om het papiermasker (tegen nachtelijk doorschijnen van de binnenverlichting) op maat te knippen en erin te frotten, voordat het dak erop kan.
rechtsonder liggen nog 2 dakkapelletjes uit de rommeldoos die uiteindelijk niet gebruikt zijn. De zijkanten van het hoge middendeel zijn nog open. deze worden met restjes steentjesplaat uit de rommeldoos dichtgemaakt.
De westvleugel, na begin van dakgoten (uit plastic profiel). Ook enkele daksteunen zijn aangebracht.
De bouwvakkers zijn blij: eindelijk kan het dak erop. PANNENBIER! Voordat je verkeerd snijdt, kun je beter een proefdakje van karton maken en dit gebruiken als mal voor de plastic dakplaten. Verdorie, geen bier in huis, bouwvakkers boos!
De 3 dozen bevatten niet genoeg pannen voor dit enorme station. Gelukkig vond ik nog wat in de rommeldoos. Het verschil zou na schilderen vrijwel niemand opvallen. Eerst het dak maar eens een nachtje laten drogen...
Om het gebouw nog meer karakter te geven, kun je het naar eigen inzicht detailleren. Zo bracht ik deze strips aan over de gehele breedte van het pand.
Tijd voor de schilder...
Het rechterdeel in de foto is geschilderd, het linkerdeel niet. Een heel verschil.
Links in beeld het stukje hoge muur van het middendeel uit de rommeldoos. Wie goed kijkt, ziet dat het nèt een ander baksteentje is. Ik lig er niet van wakker. Bij mij in kampen staat een kerk met wel 20 soorten steen, alles willekeurig door elkaar. Ook toen gebruikten ze wat ze hadden, zolang het maar paste.
Het schilderen van de gevels gebeurde in 5 fases, waartussen steeds een dag droogtijd zat. Er werd enamelverf van Humbrol en Revell gebruikt deze keer. Dit spul hecht perfect en laat zich eenvoudig verwerken met een penseel of kwastje. Op het volgende plaatje zijn de fases duidelijk te onderscheiden.


De steengroeve ligt er verlaten bij en wordt overwoekerd door plantengroei. Tot in de jaren 1920 werden hier stenen gedolven totdat een lawine een einde aan de exploitatie maakte. Even verderop werd een nieuwe groeve geopend waarna de steenbrekerij en de cementfabriek tot bloei kwamen. We zijn inmiddels in het begin van de jaren 1960 beland en bevinden ons in Mariahöhe, een typisch Duitse stad met vakwerkhuizen en stadsmuren maar vooral met een bloeiende cementfabriek en een spooraansluiting.
