
In mijn vorige bijdrage heb ik al verteld dat mijn keuze was gevallen op het uitbeelden van het station Lauscha.
Kijken waar het schip strandt. Zo gaat dat bij mij meestal. Terugkijkend, is dat er ook de oorzaak dat mijn baan ondertussen al een keertje of vijf in en uit elkaar is gehaald of aanpassingen heeft ondergaan om alles goed lopend te krijgen. Maar dat heeft er wel voor gezorgd dat ik nu met een meer vooruitziende blik aan het knutselen .
Mijn baan heeft twee stations; een station gebaseerd op Steinach (maar lijkt daar ondertussen in de verste verte niet meer op) en het station Lauscha (ook een wat vrijere interpretatie). De baan is opgebouwd uit een zogenaamde hondenkluif waar Steinach op het gedeelte ligt waar de twee sporen samenkomen (zie de foto hierboven). Vanuit Steinach takken er twee sporen af naar Lauscha. Eén beeldt dan het spoor komend uit Probtszella uit. Op de foto is dit het enkele spoor links bovenin. Het andere spoor beeldt dat uit Sonneberg uit (de scherpe boog rechts bij de houtlijmfles en het potje bruine verf).


De steengroeve ligt er verlaten bij en wordt overwoekerd door plantengroei. Tot in de jaren 1920 werden hier stenen gedolven totdat een lawine een einde aan de exploitatie maakte. Even verderop werd een nieuwe groeve geopend waarna de steenbrekerij en de cementfabriek tot bloei kwamen. We zijn inmiddels in het begin van de jaren 1960 beland en bevinden ons in Mariahöhe, een typisch Duitse stad met vakwerkhuizen en stadsmuren maar vooral met een bloeiende cementfabriek en een spooraansluiting.
