Ruim 1 miljoen euro subsidie voor restauratie Tractiegebouw SGB

De Stoomtrein Goes-Borsele (SGB) ontvangt van de provincie Zeeland een bedrag van ruim 1 miljoen euro ten behoeve van de restauratie van het monumentale Tractiegebouw uit 1927. Dankzij deze subsidie is de SGB na een jarenlange zoektocht naar fondsen eindelijk in staat om het gebouw, dat in matige toestand verkeert, te restaureren.
Subsidie
De subsidie van de provincie komt voort uit de zogeheten matchingsregeling, waarbij de provincie een bedrag ontvangt van het Rijk ten behoeve van de restauratie van monumenten. De provincie legt zelf een gelijk bedrag bij en zorgt voor de toekenning van de subsidies aan projecten die aan de criteria voldoen. Het doel van de regeling is, naast het restaureren van monumenten, het stimuleren van de economie. Het Tractiegebouw is het eerste project in Zeeland dat geld krijgt via deze regeling.
Naast de genoemde subsidie is ook subsidie aangevraagd bij het Europees Fonds voor Plattelandsontwikkeling. Samen met een eigen bijdrage van de SGB in de vorm van menskracht, materiaal en materieel, komt het totale restauratiebudget uit op bijna 1,5 miljoen euro.
Tractiegebouw
Het tractiegebouw werd in 1927 in gebruik genomen en diende als stalling en werkplaats voor het materieel dat ging rijden op de tegelijkertijd geopende Zuid-Bevelandse tramlijnen. Het depot werd al na enkele jaren gesloten, maar in de oorlog werd het voor korte tijd heropend. In latere jaren diende het gebouw en het omliggende terrein onder andere als huisvesting voor Van Gend en Loos en voor diverse kolenhandelaren. Sinds de oprichting van de SGB in 1971 is het gebouw stap voor stap in gebruik gekomen voor het onderhoud en de stalling van museummaterieel. In de loop van zijn bestaan heeft het gebouw geleden onder aanpassingen zoals het dichtmetselen van raampartijen en het dichtleggen van delen van de lichtstraten in het dak, maar ook onder verzakkende funderingen en betonrot in het originele prefab betonnen dak.
Restauratie
De restauratie gaat na de zomer reeds van start en moet eind 2011 zijn afgerond. Naast het oplossen van de bouwkundige problemen waar het gebouw mee kampt, zal het gebouw zoveel mogelijk in de historische staat worden teruggebracht. Het licht keert terug in het gebouw door het terugplaatsen van ontbrekende raampartijen en het in ere herstellen van de lichtstraten. Gevels en daken worden hersteld en de nevenruimtes krijgen zoveel mogelijk hun oorspronkelijke functie terug, zoals het kantoor van de chef, het badlokaal en het ketelhuis. Na de restauratie zullen deze nevenruimtes, alsmede de hal waar de stoomlocs staan gestald, worden opgesteld voor het publiek.
Trackback(0)